Naar huis

baby in doek

Als uw kindje thuis is, neem dan ook de tijd om aan elkaar te wennen. Zorg er daarom voor dat u de eerste dagen niet teveel bezoek krijgt.

Huilen

Sommige kinderen hebben in het begin nog moeite met het dag- en nachtritme en kunnen ’s nachts flink huilen. Een schone luier kan al helpen, maar het kan ook zijn dat uw kindje het prettig vindt, als er een lampje brandt of een muziekje speelt. Dit is het immers al gewoon van de couveuseafdeling.

Als het kindje overdag veel huilt kan het zijn dat hij/zij zich verveelt, uw kindje heeft immers al wat meer ‘levenservaring’ dan een pasgeboren kindje. Het komt een enkele keer voor dat het kindje ontroostbaar zal blijven huilen, terwijl verder toch alles in orde lijkt. Uiteraard kan u zich hierover heel radeloos voelen. Blijf daarmee niet alleen zitten, maar zoek contact met de afdeling of met de oudervereniging.

Voedingstijden

Als uw kindje bij ons voeding op vaste tijden kreeg, dan zullen deze meegedeeld worden, alsook de hoeveelheid en welke voeding u het best geeft. Op vraag geven kan, maar er moet een minimum aantal voedingen gegarandeerd worden.

Borstvoeding

Als het kindje op de afdeling borstvoeding kreeg, zal dit thuis alleen maar prettiger en rustiger gaan. Als het kindje goed drinkt zal het zelf wel zorgen dat het voldoende voedsel binnen krijgt. De verpleegkundige/vroedvrouw op de afdeling zal u advies geven zodat u wanneer het kindje thuis is, vertrouwen krijgt en op uw eigen inzicht kan verder bouwen.

Teruggeven van de voeding

Als het kindje na de voeding gemakkelijk melk teruggeeft, kan u hem/haar vóór de voeding verschonen en proberen er voor te zorgen dat hij/zij tijdens de voeding een paar maal een boertje laat. Mocht dit alles niet helpen en u merkt dat het kindje hier last van heeft, raadpleeg dan de kinderarts.

Baden

Uw kindje mag dagelijks een badje krijgen. (Maar dit hoeft niet.) Het tijdstip waarop dit gebeurt is echt niet belangrijk, sommige kinderen slapen ’s nachts goed door als ze ’s avonds een badje krijgen.

Warmte

U hoeft thuis niet steeds de temperatuur van het kindje te nemen. U kan ook aan de voetjes voelen of het kindje het warm genoeg heeft. Zorg er vooral voor dat het kindje niet te warm ligt. Een omgevingstemperatuur van 18 à 20°C is voldoende. Zorg er ook voor dat het niet te koud krijgt. Doe een muts en sokjes aan en wikkel het in een warme doek.

Slapen

Leg een gewone deken en geen donsdeken in het bed. Leg hoogstens 1 knuffel achteraan in het bed en laat uw kindje op de rug slapen. Rook nooit op de slaapkamer! Leg de baby in een slaapzak die niet te groot is. Kinderen hoeven nog geen kussen.

Naar buiten

Door de soms lange periode dat het kindje in het ziekenhuis heeft doorgebracht, is het beter om er niet onmiddellijk mee naar buiten te gaan. Neem hiervoor de tijd en bouw het in de loop van enkele weken langzaam op, afhankelijk van het jaargetijde. Overleg bij twijfel met de kinderarts.

Wacht tot je kindje 3 kg is om echt op bezoek te gaan en op plaatsen te komen waar veel mensen zijn. Als je naar buiten gaat, doe uw kindje dan 1 stuk kleding méér aan dan je zelf aan hebt. Bij vochtig en mistig weer blijft u beter binnen. Vriesweer is geen probleem.